Laagopgeleide jongeren moeten sociale media beter leren gebruiken

donderdag 5 januari 2017

  • HANNN

Laagopgeleide jongeren maken geen gebruik van de mogelijkheden die sociale media hen kan bieden voor bijvoorbeeld sociale participatie en het vinden van werk. Daardoor groeit de kloof op het gebied van sociale- en loopbaanontwikkeling tussen lager en hoger opgeleiden. Docenten in het mbo zouden meer aandacht moeten besteden aan het gebruik van social media.

Dit stelt Paulo Moekotte in zijn proefschrift met de titel 'Exploring Learning Technologies and Social Media voor VET Students at Risk'. Hij onderzocht de relatie tussen socialemediagebruik en de sociale en loopbaanontwikkeling van laagopgeleide jongeren in het middelbaar beroepsonderwijs. De technologische ontwikkelingen in sociale media bieden steeds meer mogelijkheden voor het versterken van sociale en economische participatie in de samenleving.

Moekotte concludeert dat laagopgeleide jongeren deze mogelijkheden echter niet onderkennen en er geen gebruik van maken. Daardoor neemt de ongelijkheid in kansen toe en groeit het percentage laagopgeleide jongeren dat achterblijft als het gaat om sociale- en loopbaanontwikkeling.

Mediaopvoeding en onderwijs blijven achter
Voor deze 'digitale kloof' in de participatie en kansenstructuur zijn verschillende oorzaken aan te wijzen volgens Moekotte.

Zo vraagt het profileren en participeren in netwerken als LinkedIn om bepaalde vaardigheden en vormen van geletterdheid. Mediaopvoeding door ouders en het beroepsonderwijs zijn daar nog niet op afgestemd. Een tweede oorzaak is dat laagopgeleiden en potentiële schoolverlaters ondanks hun internetgebruik niet weten wat de invloed van sociale media en netwerken is op hun sociale ontwikkeling en toekomstige loopbaan. Zij staan zelfs ronduit afwijzend tegenover zakelijk gebruik ervan. Een derde oorzaak is dat docenten nog moeite hebben om sociale media in hun onderwijs te integreren om door middel van online interactie en participatie de relatie met de student te versterken.

Verkenning en verbinding nodig
Op de vraag wat het meest opvallende resultaat is uit het onderzoek antwoordt Moekotte, dat laagopgeleiden zakelijk/professioneel sociale mediagebruik afwijzen. ‘Solliciteren doe je met een brief en voor afspraken bel je op of ga je langs: de onderzoeksdoelgroep denkt vrij traditioneel over zakelijk gebruik. De verwachtingen van docenten en studenten over de inzet van sociale media in de lessen loopt uiteen en vragen om nadere verkenning en verbinding. Als het gaat om de invloed op de reguliere contacttijd zitten docenten en studenten op één lijn: online mogelijkheden en diensten worden niet gezien als een mogelijkheid om de contacttijd uit te breiden.’

Onderzoeksresultaten toepassen
In zijn dagelijkse werkzaamheden gebruikt Moekotte de opgedane kennis om medewerkers meer te vertellen over de onderzoeksresultaten. Ook wil hij een bijdrage leveren aan het project in het kader van ‘Tel mee met taal!’, dat zich richt op laaggeletterden in Nederland. Daarnaast wil Moekotte de onderzoeksresultaten onder de aandacht brengen bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschap in het kader van de discussie over de ongelijkheid van kansen.

Lees hier verder voor het gehele nieuwsbericht en persbericht.

Aandachtsgebieden

Healthy Ageing Network